Hoe ga je om met weerstanden tijdens het gesprek?

Tijdens een gesprek halen ouders vaak obstakels aan die hen verhinderen om buiten te gaan roken.

Hoe ga je hiermee om? We geven je graag enkele tips. Hou natuurlijk altijd rekening met de basisprincipes van een goede communicatie.

  • Probeer het gevoel achter de boodschap op te merken (bijvoorbeeld angst of frustratie).
  • Reageer zo empathisch mogelijk. Probeer je in de situatie van je cliënt in te leven, ook al staat die ver van jouw eigen leefwereld af.
  • Ga niet in discussie met je cliënt.
  • Bepaal de mate van motivatie van je cliënt. Is hij zelf overtuigd van het belang van buiten roken of niet? Gebruikt hij zijn partner om zijn eigen onzekerheid te maskeren?
  • Laat je cliënt nadenken over mogelijke reacties van zijn partner en geef hem tips hoe hij daarop kan reageren.

We werken enkele voorbeeldgesprekken en vraagstellingen uit per type weerstand. Daarbij passen we onze adviezen toe. Je hoeft geen psycholoog te zijn om het emotionele aspect van roken te bespreken. Artsen en verpleegkundigen komen naast het lichamelijke ook heel vaak in contact met het gevoelsmatige relaas van mensen. Je kan je cliënt natuurlijk ook doorverwijzen als blijkt dat het achterliggende gevoel veel zwaarder is dan jij kunt behandelen. 

Op nooitbinnenroken.be kunnen rokers zelf heel wat tips vinden over omgaan met hinderpalen. De tips zijn op een interactieve, niet belerende of beschuldigende manier weergegeven.
 

Ik maak me zorgen over de relatie met andere roker(s) wanneer ik vraag om buiten te roken

Duiding: Het is niet altijd gemakkelijk voor de cliënt om aan de partner, de ouders en bezoekers te vragen om buiten te roken. Er leeft angst dat de relatie hierdoor onder druk zal komen te staan. Probeer op zoek te gaan naar achterliggende motivaties van de cliënt en naar voordelen van een rookvrij huis.

Een voorbeeld:

  • Cliënt: “Ik ga niet tegen mijn vrouw zeggen dat ze niet meer binnen mag roken. Dat durf ik niet.”
    Zorgverlener: “Ik begrijp dat het niet gemakkelijk is om dat te vragen van je partner en je bezoekers. Hoe denk je dat ze zouden reageren als je hen vraagt om buiten te roken? Wat zijn voor jou redenen om niet meer in huis te roken? Kun je die redenen overbrengen op je bezoekers/partner? Willen zij ook de gezondheid van je kinderen beschermen, denk je?”

Als de cliënt aangeeft toch het gesprek met de roker aan te willen gaan, kunnen er tips en acties besproken worden. Oefen eventueel ook het gesprek dat de cliënt met de partner zou aangaan.

Tips die je kan meegeven aan de cliënt:

  • Benader de partner op een empathische en open manier. Vraag toestemming om over een rookvrij huis te praten
  • Luister naar de redenen van de partner en probeer te peilen naar motivaties om toch buiten te roken
  • Benadruk dat je de hele familie wil beschermen en niet oordeelt
  • Gebruik de folder ‘binnen roken is nooit oké’ om het belang van een rookvrij huis te duiden
  • Gebruik de tips uit de folder om de overstap naar een rookvrij huis gemakkelijker te maken 
     

Ik wil de kinderen niet alleen laten

Duiding: Voor jou komt het misschien over als een excuus, maar cliënten hebben meestal echt de intentie om goed voor hun kinderen te zorgen. De liefde voor hun kinderen is een van de meest overtuigende argumenten om hen te motiveren om niet meer in huis te roken. Benader dat dus als een positieve motivatie. Ze maken zich zorgen over de veiligheid van hun kinderen.

Voorbeelden: Mogelijke reacties, heel concreet:

  • “Als ik het zo hoor, probeer je verschillende dingen te combineren: roken, je kinderen veilig binnen houden én hun gezondheid verbeteren. Als je die drie tegenover elkaar zet, wat vind je dan het belangrijkste?” (Wellicht zal de ouder hier de veiligheid en de gezondheid van de kinderen antwoorden.)
  • “Hoe zou je ervoor kunnen zorgen dat de kinderen zowel gezond als veilig kunnen blijven?”

Komt je cliënt niet zelf tot doelen? Ontdek dan hoe je hierop kunt reageren.

 

Ik heb geen zin om buiten te roken, want…

“Het regent buiten.”

  • “Ik heb al van anderen gehoord dat dat hen tegenhoudt om buiten te gaan roken. Wil je er toch verder over nadenken? Wat zou je kunnen doen of voorzien als het regent, zodat je toch buiten kunt roken?”

“Ik wil niet buiten voor mijn deur staan te roken.”

  • “Ik begrijp dat je dat niet wilt. Wat precies vind je er zo lastig aan?”
  • “Stel dat je ergens anders buiten zou kunnen roken, hoeveel zou je motivatie om buiten te roken dan scoren van 0 tot 10?”
  • “Zijn er mogelijkheden om op een andere plek buiten te roken?”

“Ik rook niet graag alleen buiten.”

  • Zorgverlener: “Stel dat je voortaan altijd buiten zou gaan roken. Wat roept dat dan bij je op?”
  • Cliënt: “Dat dat triestig is.”
  • Zorgverlener: “Triestig?”
  • Cliënt: “Ja, dat ik door mijn verslaving gedwongen word om daar in mijn eentje te staan roken. Dat is toch om triestig van te worden.
  • Zorgverlener: “Hoe anders is het als je binnen rookt?”
  • Cliënt: “Niet zoveel, want dan zit ik alleen in de keuken.”
  • Zorgverlener: “Dus eigenlijk ben je altijd alleen, of je nu binnen rookt of buiten.”
  • Cliënt: “Ja, ik ben veel te veel alleen.”
  • Zorgverlener: “Wat zou je zelf graag hebben dat er verandert in je leven?”
  • Cliënt: “Dat er weer wat meer mensen zijn met wie ik eens iets leuks kan doen. Dat ik me minder alleen zou voelen. Misschien dat ik dan ook minder zou roken, want nu rook ik vaak uit verveling of om dat trieste gevoel wat weg te krijgen.”
  • Zorgverlener: “Dus als ik het goed begrijp, dan zou je minder roken als je meer omhanden zou hebben.”
  • Cliënt: “Ja.”
  • Zorgverlener: “Het lijkt me de moeite waard om eens te kijken wat je kunt doen om je vrije tijd op te vullen. Zullen we dat samen eens uitzoeken?”

“Ik vind buiten roken ongezellig.”

  • Zorgverlener: “Wat maakt dat buiten roken voor jou ongezellig is? Wanneer zou roken buiten wél gezellig kunnen zijn?”
  • Cliënt: “Dat ik daar dan gewoon sta. Buiten. In de kou of in de regen.”
  • Zorgverlener: “En wanneer is roken wél gezellig voor je?”
  • Cliënt: “Als mijn man thuis is en we samen roken. Dan kunnen we eens babbelen over onze dag en zo.”
  • Zorgverlener: “Hoe denkt jouw man over buiten roken?”
  • Cliënt: “Dat weet ik niet goed. We hebben het er eigenlijk nog nooit over gehad.”
  • Zorgverlener: “Als jullie samen buiten konden roken, zou dat dan gezelliger voor je zijn?”


Ik vind meeroken niet zo’n groot probleem

“Kinderen worden sowieso blootgesteld aan allerlei risico’s zoals fijnstof en ongezonde voeding. Meeroken is toch niet zo gevaarlijk?”

“De buitenlucht is toch veel ongezonder. Die ademen ze ook in.”

  • “Het is inderdaad zo dat er naast meeroken ook nog andere dingen zijn die ongezond zijn voor ons. We kunnen niet alles controleren, maar we kunnen wel proberen om de dingen aan te pakken waar we wél iets aan kunnen doen. De laatste jaren is er veel onderzoek geweest naar het effect van meeroken. Daaruit blijkt dat het effect echt wel schadelijk is. Als we er nu even van uitgaan dat niet meer binnen roken gezonder is voor je kinderen, wat vind je daar dan van?”

 “Mijn nichtje kreeg toch kanker en haar ouders hebben nooit in huis gerookt.”

  • “Ik kan me voorstellen hoe moeilijk het is om hiermee om te gaan. Dat een jong meisje toch kanker kan krijgen. Helaas kunnen we niet alles controleren om ervoor te zorgen dat niemand die ziekte nog hoeft mee te maken. Maar mij lijkt het wel de moeite waard om eens te bekijken wat we wél kunnen doen om het risico in ieder geval zo laag mogelijk te houden. Wat denk jij daarvan?”

“Je moet toch ergens van doodgaan.”

  • “Betekent die uitspraak voor je dat het allemaal niet uitmaakt en gezondheid als thema niet zo belangrijk voor je is? Is dat wat je me probeert te zeggen, of zie ik het verkeerd?”

"Je kunt ook kanker krijgen als je niet in de rook zit.”

  •  “Ja, dat is waar. Er zijn verschillende soorten kanker en iedereen loopt wel een risico om ziek te worden. Maar sigarettenrook leidt ertoe dat het risico groter wordt. Kinderen die vaak in de rook zitten, worden ook vaker ziek dan kinderen die niet in de rook zitten. Wat vind jij van die informatie?”

 “Ik ben zelf opgegroeid in een huis waar gerookt werd en ik ben nog gezond.”

  • “Het is inderdaad zo dat sommige mensen minder last hebben van de gevolgen van tabaksrook dan anderen. Uit onderzoek blijkt wel dat het risico op heel wat ziektes groter is bij kinderen of volwassenen die vaak in de rook zitten. Dus als we ervoor kunnen zorgen dat kinderen niet meer in de tabaksrook zitten, dan is de kans dat ze problemen krijgen met de gezondheid veel kleiner.”

 

Bekijk ook

Volg de online vorming

In deze online vorming kan je voorbeeldgesprekken oefenen, concrete tips ontdekken en en een quiz spelen om vertrouwd te geraken met het onderwerp passief roken en de principes van motiverende gespreksvoering.

Ontdek ons vormingsaanbod en schrijf je in

De Logo's organiseren lokale vormingen over dit project. Hier vind je een overzicht van de mogelijkheden en een inschrijvingsformulier.

Geef als zorgverlener de beste ondersteuning

Welke ondersteuning hebben ouders nodig om hun huis rookvrij te maken? Hoe help je ouders via een gesprek? Met welke materialen kun je hen sensibiliseren?  

Bereid je goed voor op een gesprek

Hoe ga je een gesprek aan over binnen roken? Hoe kun je het gesprek zo goed mogelijk laten verlopen? Lees onze praktische richtlijnen voor een optimaal gesprek.

Gebruik de gesprekstool tijdens je gesprek

Met deze handige tool beschik je over een geheugensteuntje tijdens het gesprek zelf. Je krijgt aandachtspunten en goede voorbeelden snel op je scherm te zien.
 

Ontdek alle projectmaterialen

In dit overzicht vind je alle materialen die je kunt gebruiken om ouders te sensibiliseren over roken in huis. Het materiaal kan ook een perfecte aanleiding bieden om je gesprek te starten.

naar overzicht